Cruisen langs bloeiend Jacobskruiskruid

Op een gezinsskelter Groepen tot 20 personen mogelijk.

Jacobskruiskruid is wegrestaurant voor gevangenisrupsen.
Duin-, bos- en fietspadranden in de Schouwse Westhoek kleuren momenteel prachtig geel. Op Sint Jacob, 25 juli, staat het Jacobskruiskruid in volle bloei.
Gevangenisrupsen, men noemt die dieren zo omdat ze een zwart-geel gestreept pak aan hebben, zijn echte veelvraten. De strepen van de gevangenisrupsen lopen niet in lengterichting, maar dwars, zodat de dieren inderdaad het traditionele gevangenisuniform, zoals wij ons dat voorstellen, schijnen aan te hebben.
Ze worden ook wel Zebrarupsen genoemd. Officieel zijn het rupsen van de Sint Jacobsvlinder-Tyria jacobaeae.

De geelzwarte Zebrarups en de mooie rood zwarte Sint Jacobsvlinder zijn in feite hetzelfde beest. De rupsen kunnen vrijwel alle bladeren afvreten, maar aan de bloemen kunnen we nog zien dat we te maken hebben met Jacobskruiskruid. Als de rupsen zich volgegeten hebben, laten ze zich aan een draadje op de grond zakken en gaan op zoek naar een plant waarop ze zich kunnen verpoppen.

Het lijkt vreemd dat ze dat niet op het Jacobskruiskruid doen. Maar dat is gewoon noodzaak, omdat het Jacobskruiskruid ieder jaar afsterft, dat wil zeggen de bovengrondse delen. De vlinderpoppen zouden daardoor hun bescherming kwijtraken, die ze in de winter zo hard nodig hebben, want het duurt tot het volgende voorjaar voordat de vlinders uitkomen. De negen maanden durende rustperiode bij deze soort wordt de zogenaamde diapauze genoemd. In de duinen groeit bijvoorbeeld volop helmgras, zodat de rupsen zich binnen de bladschede kunnen verpoppen.

De rupsen maken, nadat ze een geschikt plekje hebben gevonden een geel spinseltje. Daarin voltrekt zich heel langzaam een wondertje. Omstreeks begin mei komt uit de pop een wezentje te voorschijn dat in niets lijkt op de gestreepte rups die de pop heeft gemaakt.

De Sint Jacobsvlinder heeft grijze bovenvleugels die versierd zijn met een rode streep en twee rode vlekken. De ondervleugels zijn prachtig rood. Vaak zitten ze met gespreide vleugels te zonnen en dan vallen ze goed op. Al heel snel kan dan paring optreden. Het mannetje zoekt hiertoe ’s nachts het vrouwtje op, dat in die tijd vrijwel stil zijn komst zit af te wachten. Na de paring, die in de vroege ochtend plaatsvindt, begint het vrouwtje in de daaropvolgende middagen haar eieren in groepjes af te zetten tegen de onderzijde van bladeren van het Jacobskruiskruid. Een dergelijk groepje, dat een spiegel wordt genoemd, kan uit meer dan honderd eitjes bestaan, die in regelmatige rijen naast elkaar gerangschikt zijn. Het kleine vlindertje kan in het voorjaar wel 200 tot 600 eieren leggen. Als de eieren niet door mijten worden leeggezogen komen er kleine rupsjes uit die beige van kleur zijn. Zodra het eerste voedsel verorberd is, verandert die kleur in grijs. Die kleurverandering komt doordat het darmkanaal gevuld raakt met voedsel waardoor de rups ondoorzichtig wordt. Tijdens hun ontwikkeling vervellen de rupsen vier keer: er zijn dus vijf stadia.
In één maand neemt de rups in lengte toe van enkele millimeters tot enkele centimeters. In die ene maand neemt het gewicht meer dan 2000-voudig toe. De rupsen worden zelf belaagd en bejaagd door o.a., hooiwagens, oorwormen, mieren en sluipwespen. Zo kan een rode bosmier de grote vierde en vijfde stadiumrupsen naar zijn nest slepen. Hierdoor sneuvelen aanmerkelijke aantallen. De ontwikkeling van de rupsen duurt ongeveer een maand. Pas in de laatste twee weken dragen ze hun zeer opvallende geel-zwarte gevangenispakjes.

Vette en magere jaren.

Het ene jaar krioelt het van de Zebrarupsen zodat al het Jacobskruiskruid wordt kaalgevreten, terwijl er in de andere jaren nauwelijks rupsen te vinden zijn en de planten het prima doen. Het voedselaanbod, de aantallen roofvijanden, het weer, enz., bepalen de overlevingskans van de Zebrarupsen. Overleven er veel Zebrarupsen, doordat er dat jaar bijvoorbeeld veel voedsel is en gunstig weer, dan komen er het jaar daarop veel vlinders en dus ook veel rupsen. De jaarlijkse toename van de rupsen blijft doorgaan tot er zoveel zijn dat er te weinig voedsel voor ze is en velen de hongerdood sterven. Dan zijn er het jaar daarop maar weinig vlinders en rupsen en zullen er weinig planten worden opgegeten.
Doordat deze afwisseling van veel en weinig planten en rupsen afhankelijk is van veel factoren, is het moeilijk te voorspellen hoe de schommelingen in de aantallen verlopen.

Bij Jacobskruiskruid is de relatie tussen plant en insect, de Zebrarups of gevangenisrups, zeer opvallend. De vraat van de rups aan de plant is soms zo hevig, dat er nauwelijks meer dan een plantenruïne overblijft. In de wintertijd vreten de konijnen aan de wortels, waardoor de plantenhoeveelheid drastisch kan verminderen. De plant gaat echter niet ten onder, dank zij een groot regeneratievermogen en de productie van tot honderdduizend zaden per plant per jaar. Zaden, die bovendien gespreid over lange tijd ontkiemen.

Steenweg 13a
op het grote P-terrein bij de rotonde in 4328 RL
Westenschouwen
27-07-2019

0111-652721

Pin It on Pinterest

Share This